Dec 21 2009

Verlangen naar het Koninkrijk

Nico-Dirk van Loo

Recent ben ik gevraagd om mijn droom voor de kerk voor 2020 en verder op te schrijven. Na wat worstelen was dit het resultaat:

My name is God and King, I am most in majesty, in whom no beginning may be and no end” zo opent God de musical Godspell (Schwartz&Tebelak, 1970). De mensheid antwoordt in de proloog met een menselijke kakofonie van Plato tot Nietsche. Dan blaast Johannes de Doper de snerpende Sjofar en het koor reageert met Prepare ye the way of the Lord.

Deze eerste minuten van Godspell schetsen een beeld voor mijn droom van de kerk: De gemeenschap van alle tijden en plaatsen die verlangt naar en leeft voor de Koning en Zijn heerschappij op aarde.  Mijn droom is een kerk die zich afkeert van, wat ik wil duiden als, haar obsessie voor haar zelfbehoud (individueel, institutioneel of subcultureel). Ik kan die obsessie niet (meer) rijmen met het bijbelse verhaal, zij staat wat mij betreft ook terecht onder kritiek van een aantal postmoderne filosofen. Tenslotte beschouw ik de obsessie als ongeloofwaardig nu de kerk geen rol meer speelt in de Nederlandse cultuur anders dan als mikpunt van spot danwel doekje voor het bloeden.

Met de komst van de 21ste eeuw is religie weer terug in het postchristelijke publieke domein dankzij een dubbele transformatie: Na de secularisatie kwam de hertovering. De christelijke subcultuur begint nu de eerste effecten te voelen van deze dubbele transformatie en worstelt er mee. De subcultuur is grofweg ontstaan als reactie op de secularisatie en heeft de tweede transformatie (nog) niet meegemaakt.  Ik pleit er niet voor dat de christelijke subcultuur nu versneld de tweede transformatie doormaakt, dan zou zij wederom kritiekloos en reactief zijn. De subcultuur zou dan na een nauwelijks kritische doordenking van de moderniteit naadloos overgaan naar de postmoderniteit (hypermoderniteit). Ik ben bang dat dit toch zal gebeuren tenzij de kerk zich afkeert het eerder genoemde egocentrisme en dat daardoor in 2020 de rol van de kerk nog verder gemarginaliseerd zal zijn.

Ik geloof dat de kerk voor de uitdaging van een dubbele en gelijktijdige reformatie staat: Van zichzelf en haar context. Semper reformanda of om in postmoderne termen te spreken: Een dubbele deconstructie, van zichzelf en haar omgeving, met het oog op de Koning en Zijn Koninkrijk. Het zal een ongelofelijk rommelig proces zijn dat ook nog eens samenvalt met het verder ineenstorten van vele iconen van de christelijke subcultuur.

Op weg gaan zonder zekerheid maar slechts in de hoop op aankomst is een cruciaal element van zowel het christelijk geloof als deconstructie. Om nu op weg te gaan zal de dubbele deconstructie zich tevreden moeten stellen met een plek in de marge van de Nederlandse maatschappij en de christelijke subcultuur. In die marge zijn de spannende experimenten mogelijk. Aan deze experimenten zou ik drie voorwaarden willen stellen. Als eerste duurzaamheid, een project zal eenvoudig voor langere tijd (10 jaar) vrijwel zelfstandig moeten kunnen draaien. Het is namelijk te verwachten dan in de toekomst de huidige support structuren zwakker zullen worden, vooral voor experimenten die verder af staan van de christelijke subcultuur. Ten tweede zal in het hart van een experiment gevormd moeten worden door de ontmoeting tussen context en kerk waarbij beide ter discussie mogen staan. Ten derde moet er een relatie zijn tussen het experiment de kerk die beiden voedt en aanspreekbaar houdt op het verhaal van Jezus en het Koninkrijk.

Prepare ye the way of the Lord was een droom die pas honderden jaren later in vervulling zou gaan. Voor het komend decennium droom ik van experimenten waardoor in het decennia daarna vanuit de randen van de Lage Landen iets zichtbaar wordt van het rijk van Hem wiens name is God and King.


Dec 8 2009

De hete brij van het koninkrijk

Nico-Dirk van Loo

Eigenlijk zijn alle emergers een stelletje zielige katten, die om de hete brij van Jezus en het Koninkrijk heen draaien. Rondom ons lopen talloze honden in de kerk. Zij blaffen luid en duidelijk over Jezus en van Gods Koninkrijk en doen de grote daden waardoor het Koninkrijk komt. Boeken, preken, weblogs en tweets vertellen dat iedere zondag de Geest aanwezig was en dat wonderen toonden dat het Koninkrijk er is. Klip en klaar kunnen we lezen en horen hoe het zit met het Koninkrijk.

Emergers kunnen daar niet tegen op, ze ploeteren meer dan ze pionieren. In het gunstigste geval lukt het ons om een verhaaltje te vertellen over het Koninkrijk maar meestal krabben en blazen we als iemand ons te dicht op de huid zit. Het enige wat we doen is mauwend om de hete pap van Jezus en het Koninkrijk heen lopen zonder nu eens de pap te eten. Het bewijs van de pap zit toch in het eten? Ze mauwen alleen maar over de ontdekking van de pap en piepen dat de pap eindeloos belangrijk is. We moeten het nu maar eens eindelijk toe geven: We hebben geen idee waar we het over hebben met al ons geschrijf en gepraat over het Koninkrijk. Zelfs die dingetjes die we doen stellen weinig voor: Die paar kilo fairtrade chocolade die we oppeuzelen of die paar liter biologische melk die we drinken? Die verdwaalde oudere die we helpen via st. Present of het plantsoentje via Serve the City? Dat stelletje minuscule gemeenschapjes die maar niet willen groeien? Kom op, vergeleken met de blaffende broeders zijn we een stelletje te luid mauwende katten.

Hoe komt dat nu dat emergers zo veel grote woorden gebruiken zonder heldere antwoorden te geven? Ik geloof niet dat het een nieuwe vorm van geestelijke lafbekkerij is. De oorzaak ligt een stuk dieper: Als eerste heeft vrijwel iedere emerger ervaren dat heldere antwoorden vrijwel altijd leiden tot harde oordelen. De geloofwaardigheid van veel heldere antwoorden is verdwenen omdat de antwoorden te vaak genadeloos misbruikt zijn. Ten tweede hebben we gemerkt dat er toch vele heldere antwoorden zijn te vinden over Jezus en het Koninkrijk.  Het is een simpel ervaringsfeit dat er vele heldere antwoorden zijn op die éne vraag “wie is Jezus” en “wat is het Koninkrijk”. De vele heldere antwoorden blijken vervolgens voort te komen uit de verschillende manieren waarop mensen het Verhaal van Jezus en het Koninkrijk betekenis geven. Het is dus niet zo eenvoudig om een eenduidig antwoord te geven op de vraag “wie is Jezus” en “wat is het Koninkrijk”.

Ik heb nog een derde reden om niet meteen met een eenduidig antwoord klaar te staan. Met het oude sola scriptura in de ene hand en in de andere een snel wisselende globale netwerk samenleving die continue nieuwe betekenissen genereert kan ik het Verhaal niet anders lezen als een echt verhaal. Een verhaal dat steeds weer opnieuw gelezen moet worden door mens en Geest in een onbegrijpelijke samenwerking. Een verhaal dat ik zonder schaamte kan benaderen en dat me steeds weer uitdaagt en beschuldigd. Het evangelie stuwt mij steeds weer tot betekenis die mij in beweging zet, een betekenis die dwingt tot bewogenheid. Er zit een bizarre gelukzalige dwang in het evangelie waar ik er steeds weer naar verlang en waarvoor ik steeds weer aarzel en terugdeins. Uiteindelijk zijn God en zijn Koninkrijk echt te heet om met mensenhanden aan te pakken en toch kunnen we het: Jezus deed het. Hij gaf zo letterlijk het Koninkrijk handen en voeten. Wat die honden betreft: Geef mijn portie maar aan fikkie. Ik wil proeven van de hete brij van het Koninkrijk en bij iedere hap zal ik mijn mond branden omdat de brij van het Koninkrijk echt te heet is.


Nov 29 2009

Het schaamteloze Koninkrijk

Nico-Dirk van Loo

“Ik durf op het platteland niet hand in hand met mijn vriend te lopen”  vertelde vorige week een bekende van me. “Ook hier op de Lijnbaan (binnenstad Rotterdam) durf ik het niet meer.  Ik ben er boos om én eigenlijk schaam ik me ervoor dat ik het niet durf” Het gesprek ging voort over Marokkanen en christenen.  Z’n ouders hadden hem “Je bent door satan bezeten” toegeroepen en na een spuug en scheldpartij durft hij geen Marokkaan meer in de ogen te kijken. Vanmiddag zat ik even te googelen  over homo emancipatie, ik moet bekennen dat ik nog niet onder de indruk ben. Ik kom minister Plasterk erg vaak tegen, ook veel gedoe over christenen,  moslims en jongeren. Recent onderzoek van SCP vertelt mij een gemengd beeld. Ik lees de rapporten met in het achterhoofd: “Not in my backyard”: Op papier of van een afstandje zijn we tolerant. Maar zodra we in-real-life een ander ontmoeten die we niet begrijpen of die ons herinnert aan onze eigen angsten en demonen dan komt letterlijk het duveltje uit ons doosje.

Een collega van mij heeft, als atheïst, een paar jaar op Tholen gewoond. Een moeilijke omgeving voor hun gezin, de kids werden structureel gepest omdat ze “ongelovig” zijn. Toen hij een paar jaar later z’n nieuwe vriendin aan z’n zoontje voorstelde was de eerste vraag die de 10 jarige aan z’n aanstaande stiefmoeder stelde: “Ben jij een christen?” Pas toen ze zei “Nee, hoor. Ik geloof niet in God” mocht ze zijn stiefmoeder worden.

Twee verhalen in één week waarvan de tranen me in de ogen schoten. Woede, schaamte en verdriet strijden om de voorrang terwijl ik een goed glas whisky drink of een broodje weghap in de kantine. De gesprekken gingen voort, Jezus kwam ter sprake én dat ik Zijn leven onder andere zie als een uitnodiging tot overgave aan ieder ander.  Zoals gebruikelijk lopen de gesprekken daarna een andere kant op. Ooit keren ze wel weer terug tot die vreemde timmerman uit Nazareth.

Gister vertelde ik beide verhalen aan Diana, ze zei: “Het Koninkrijk is daar waar je zonder schaamte kunt laten zien wie je bent.” En daarmee zei ze zo ongeveer alles wat er valt te zeggen.


Nov 24 2009

Het vrijgevige Koninkrijk

Nico-Dirk van Loo

9789051943559: Volf, M., Onbelast

Miroslav Volf is onbetwist mijn favoriete hedendaagse theoloog. Het denken van menige theoloog/filosoof heeft me geraakt en gegrepen maar de enige die me aan het huilen krijgt is Miroslav. Vanaf Paulus via Augustinus, Luther en Hoekendijk tot aan Wright ben ik vaak geraakt. Slechts Johannes en Miroslav raken me dieper existentiëler.  Het evangelie van de geliefde discipel én exclusion and embrace raakten me als mokerslagen die liefdevol mijn ziel genezen.

Vandaag kreeg ik Onbelast van Miroslav in de bus als recensie exemplaar.  Het is een boek over geven en vergeven in een genadeloze cultuur. Miroslav schetst een vrijgevige God van een vrijgevig Koninkrijk.  Ik kan slechts zeggen: Kopen, lezen en huilen.


Nov 17 2009

Beetje stil in het Koninkrijk?

Nico-Dirk van Loo

Sorry dat het al een aantal weken rustig is, doodstil zeg maar, op mijn blog. dat heeft niets te maken met gebrek aan inspiratie maar vooral met een vakantie, drukte op werk én het gezin van Loo dat de één na de ander geveld wordt door griep. En O ja, er was nog ene Shane Claiborne die langs kwam, een netwerk happening in R’dam, een kunst project plus wat artmeeetings, buurtpreventie team avonden, buurtbemiddeling en bij vrienden op bezoek. Zo stil is het dus niet in het Koninkrijk


Oct 13 2009

De revolutie van het Koninkrijk

Nico-Dirk van Loo

revolutie

Een poosje geleden vroeg iemand me hoe ik mijn Koninkrijk aan het bouwen was. Ik keek h’m glazig aan. Mijn Koninkrijk? Ik weet van God, Jezus en Gods Koninkrijk maar van mijn eigen koninkrijk had ik nog nooit gehoord. Het bleek te gaan over ons gezin. In zijn gedachtengang is het vooral het gezin met mij als man en hoofd daarvan: Zoals God zijn Koninkrijk bouwt wil God ook dat ik mijn koninkrijk bouw. (De rest van het gesprek zal ik jullie besparen, het was niet echt grappig)

Ook niet al te lang geleden hoorde ik een preek over het Koninkrijk, de voorganger sprak mooie woorden dat het Koninkrijk komt door dingen te doen! Om vervolgens dit uit te werken in het geven van de tienden aan de gemeente.

Deze zomer zat ik in een dienst van een recent gestichte gemeente in Amsterdam. Leuke mensen, goede sfeer en een preek met een mijns inziens  vrij zwakke hermeneutiek maar ach, de prediker stond zich er een beetje op voor dat ie geen theologische opleiding had. Het ging ook over het Koninkrijk maar er was totaal géén relatie tussen de mensen binnen in de dienst en de mensen buiten op de grachten.

In navolging van velen heeft Daniël recent het koninkrijk ontdekt, Boele is er ook helemaal wild van en zelfs Martijn en ik besteden er een heel hoofdstuk aan. Toch blijft het Koninkrijk een glibberig containerbegrip waarmee je naar hartelust kun jongeleren. Iedereen maakt er z’n eigen verhaaltje van.

Het Koninkrijk van God ontglipt ons steeds weer, denk je “iets”ervan te begrijpen dan geeft de bijbel opeens weer een nieuwe draai aan het Koninkrijk en moeten we weer opzoek. Stiekem vind ik dat wel leuke en spannende ervan. Daarom wil ik een serie posts schrijven over het Koninkrijk, niet zozeer een theologische serie maar een poging om een aantal keren “iets” van het Koninkrijk te herkennen in ons dagelijkse Nederlandse leven.

Ik ga er even vanuit dat God en het Koninkrijk onlosmakelijk bij elkaar horen en dat de bijbel als eerste het verhaal van Gods Koninkrijk is. Een verhaal waarin God de wereld op z’n kop zet, met als centrale figuur Jezus, om zo het Koninkrijk te laten komen. Daarom gebruik ik de nogal pretentieuze term “Revolutie van het Koninkrijk” en wil proberen in iedere post iets van die omkering/bekering/metanoia/revolutie te laten zien.

Op dit moment heb ik niets meer dan een stapeltje titels van blogposts met wat gedachten erbij, we zullen zien waar we de komende periode uitkomen.

- De hete brij van het Koninkrijk

- Het Koninkrijk als nieuwe vlag op de modderschuit

- De grote mannen en vrouwen van het Koninkrijk

- Kerkje spelen in het Koninkrijk

- Koninkrijk als einde van de christelijke organisaties

- De onvoltooide revolutie van het Koninkrijk

- Het lijk in de kast van het Koninkrijk

- Plan A was het Koninkrijk, de kerk plan B

- Gemeentestichting als hindernis voor het Koninkrijk

- Hoe mijn oma haar hart verloor aan het Koninkrijk

- Hoe het Koninkrijk de babyboomers bekeert

- Het Koninkrijk als passie van de 20ers

- Het Koninkrijk maakt alles alleen maar lastiger

- Het Koninkrijk als never ending story

- Het Koninkrijk smaakt naar chocolade


Sep 16 2009

Uitverkoop van de kathedraal

Nico-Dirk van Loo

In “Van de kaart” houdt Boele op charmante wijze een soort uitverkoop van de kathedraal van het zeker weten. In korte en felle pennestreken schetst hij een heleboel heidense magie, matige exegese, kale traditie of basale psychologische en sociale processen die in sommige christelijke tradities doorgaan voor “goddelijk gegeven”.

Soms schetst Boele bewust een karikatuur die genuanceerd kan worden. Hij heeft echter groot gelijk dat de karikatuur op veel christenen van toepassing is: In veel kerken is er een soort ‘volksgeloof’ (alhoewel het meer denigrerend klinkt dan ik bedoel kan ik even niet om de term heen) dat veel wegheeft van dogmatisch simplisme. In mijn eigen kerk ken ik velen die vooral goed zijn in het citeren van belijdenissen, liturgische formulieren en sleutelteksten uit Romeinen. Terwijl dezelfde mensen toch moeilijk uit de voeten kunnen met de ruimte van alle 66 boeken. Is dat fout? Ik vind van wel. Ik zit in een kerk die een dogmatisch systeem belangrijker vindt dan de bijbel. Althans dat is de uitkomst van het geheel van het rijke vrijgemaakte leven in onze locale gemeente. Gezien mijn ervaringen in gereformeerd, evangelisch en charismatisch Nederland lijkt dit een algemener probleem.

Ik heb een lang lopen worstelen met Boele’s uitverkoop, ook met die van Klaas Hendrikse. Ik worstel er vooral mee omdat ik zoveel herken maar vervolgens ergens anders uitkom. De eerste keer dat ik bijvoorbeeld van Anselmus hoorde en voelde ik me zwaar genaaid. Waarom was er nog nooit een dominee geweest die in de preek ook zei wat hij al lang wist sinds z’n propedeuse?  Al was hij het met Anselmus eens dan nog was het netjes geweest om dat ook te zeggen. Ook basale bijbelse theologie die ik meekreeg van Diana’s theologische studie leverde veel frustratie op richting (GKV en evangelische) predikanten. Waar haalden ze het lef vandaan om dé uitleg te claimen, hoe kan het bestaan dat een gemeenschap zo sterk gericht is op die ene Boodschap die men één-op-één via de belijdenissen uit de bijbel haalt.  Ooit van hermeneutiek gehoord? Zou het geen kwaad kunnen om iets meer respect te tonen voor de tékst van de bijbel? Ooit was er toch de kreet sola scriptura? Kortom, ik kan net als Boele en Klaas ook mijn eigen uitverkoop houden, Peter heeft er trouwens ook al eentje.

De uitverkoop van Boele en nog sterker die van Klaas levert ook veel reactie op. Voor sommige schrijvers is het een rode lap waar ze maar al te graag op aanvallen. Dat is jammer, het fenomeen kathedraal is de centrale worsteling van Boele en niet zo zeer wat er nu precies in staat. Maar ja, de vaak orthodoxe schrijvers wonen zelf in de kathedraal van het zeker weten. Ze zien voor de zoveelste keer een “liberale rakker” aan de weer met de kerkbanken, preekstoel, doopvont en avondmaalstafel die ze (na Kuitert cs) net weer zo mooi opgepoetst hadden. Ik vind het spijtig dat weinig orthodoxe schrijvers tot nu toe de kathedraal zelf eens onderhanden nemen.

Ik realiseer me dat mijn uitverkoop van de kathedraal er anders uitziet als die van Boele en ook anders dan die van Klaas. Naast de herkenning van een heilzame en noodzakelijk uitverkoop is er dus ook een beetje vervreemding. Veel dingen die Boele graag verkoopt zie ik liever blijven, zij het vaak in nogal minder karikaturale vorm. Maar waarom het ene wel en het andere niet? Is dat een glijdende schaal met aan de ene kant de hersteld vrijgemaakte orthodoxie en aan de andere kant Klaas en ergens in het midden zit ik?

Ik heb niet zo veel met die glijdende schaal, het is namelijk een schaal die beperkt blijft tot de menselijke vlakte waarbij Klaas en ook Boele zich ten minste zich realiseren dat zij slechts met moeite een zinnig woord over god kunnen spreken. Mijn spanning zit erin dat ik me zo goed mogelijk wil realiseren dat ik als mens inderdaad nauwelijks een zinnig woord over God kan spreken maar dat ik het niet kan nalaten te doen.  Wat dat betreft volg ik Augustinus denk ik die spreekt over de rusteloosheid naar god.

Dan komen de gedachtes van Miranda en ook Wilmer over der Heilige Geest toch weer om de hoek. Dan komt Jezus opeens in beeld. Maar hoe ik dat moet opschrijven weet ik nog niet, dat komt de komende dagen.


Sep 15 2009

De vrijmaking uit de kathedraal?

Nico-Dirk van Loo

In een vorige post heb ik de gedachtelijn uitgewerkt dat mensen slechts afgoden kunnen dienen, de volgende post benadrukte het continue twijfelen van “geloven op basis van weten”. De derde post combineerde beide in de opbouw én onzin van de “kathedraal van het menselijk denken.” Nu een paar gedachtes over dat gotisch blok graniet waaraan ik als mens geketend ben en hoe daar eventueel af te komen. (Met mijn excuses dat het allemaal wat lang duurt, maar pas als ik het snap kan ik kort en bondig zijn…… Dus als ik uitgekletst ben zal ik de stapel posts samenvatten in een paar honderd woorden….)

Ik ben een derde generatie van een gereformeerd vrijgemaakt geslacht, onderwezen aan de voeten van de vrijgemaakte scholen, ik ben een vrucht van de hoogtijdagen die ontstonden nadat deze en gene dissident buiten het verband was gezet. En nu sta ik met een mond vol lege woorden in een doodstille kathedraal. Mijn smalle vrijgemaakte traditie biedt geen uitkomst bij deze vrijmaking. In tegendeel, de drive om een consistent construct van geloven en leven te ontwikkelen was een bepalende factor bij de vrijmaking en de ontwikkeling van het vrijgemaakte leven. Dit alles is nu eenmaal gebeurd, het is geschiedenis met z’n goede en foute pagina’s. Maar het typisch vrijgemaakte manier van denken die her en der nog voortwoekert gaat niet helpen de kathedraal te verlaten.

Moet ik dan verder terug in het gereformeerde denken? Kuyper? Je kunt enkele proto-postmoderne gedachtes bij hem ontwaren maar als dat alles is? Hij was toch wel erg modernistisch. Dooyeweerd dan? Zijn denken levert stof tot serieus nadenken en stelt allerlei lastige vragen aan de kathedraal maar ik weet er te weinig van om er nu  mee uit de voeten te kunnen. Mijn beperkte kennis moet dan meteen een sprong maken naar de gereformeerde belijdenisgeschriften van de 16e en 17e eeuw om dan meteen ook keihard te landen in de tijd en invloed van de verlichting. En daar had ik nu net een probleem mee.

Is het ook mogelijk om de kathedraal te slopen en op de oude fundamenten iets beters neer te zetten? Volgens mij niet, de fundamenten zijn gevormd binnen het menselijke kader.  Herbouw daarbovenop zal onvermijdelijk leiden tot een nieuw menselijk bouwwerk, weer “mensen die over god praten”

Klaas Hendrikse blijft, nadrukkelijk binnen het menselijke kader en ziet god op vele plaatsen onderweg in de rijke menselijke religieuze tradities.  Boele blijft ook binnen menselijke kaders maar ziet zeer nadrukkelijk op Jezus. Hij herkent Jezus in vele van zijn volgelingen en zoekt zo het Koninkrijk. Beiden zien principieel in mensen en dan met name het handelen van mensen “iets van het goddelijke” (Klaas ) of  “iets van Jezus en Gods Koninkrijk”  (Boele). Maar beiden blijven worstelen met het uitdrukken van god binnen menselijke kaders. En bieden ze nog geen echte uitkomst uit “mijn”  kathedraal van het menselijk denken.

Hier komt een beetje van de aap uit de mouw rondom die kathedralen. Ik heb, onderweg een iets andere kathedraal gebouwd dan Boele. Daar ga ik de volgende post aan wijden. Want daar zit volgens mij ook een fors stuk van de  “orthodoxe irritatie” met Boele’s boek.


Sep 14 2009

De kathedraal

Nico-Dirk van Loo

Deze blog past in een serie posts rondom geloven, weten en twijfel. Zie hier voor overzicht. Voor overzicht van alle blogs die hier aandacht aangaven kun je hier beginnen.  De discussie begon met Boele ’s boek “Van de Kaart” waarin hij verslag doet zijn geloofscrisis. Op indringende wijze doet hij verslag van de onmogelijkheid om te blijven geloven in een aantal van zijn geloofszekerheden. Door de crisis heen doet Boele de (her) ontdekking van Jezus en Gods Koninkrijk.

In deze post wil ik aan de slag met de “kathedraal van het zeker weten” zoals eerder gezegd weet ik nog niet waar ik uit ga komen. Ook voor mij is deze serie posts een verrassing.

In zijn boek neemt Boele (als ik hem goed begrijp) de kathedraal onder andere als beeld van de objectieve claims waarmee menigeen zijn/haar geloof onderbouwt: Mensen willen met de bijbel in de hand de gedachten van God begrijpen en daar vanuit dan ook leven. Wat Boele betreft is dit niet nodig én niet mogelijk.

Wetenschappers bouwen ook graag kathedralen, we noemen het dan wetenschappelijke modellen maar uiteindelijk zijn het onze professionele heiligdommen die bekroond worden in mooie wetenschappelijke artikelen met hoge impactfactoren. En in die heiligdommen wonen en werken we dan, we bouwen hele onderzoeksgroepen op om de kathedraal nog mooier en grootser te maken. Totdat een slimme promovendus of postdoc een ontdekking doe die het hele model in elkaar doet storten. Het leven van de ongelukkige kan even een hel zijn maar als de groep lef(dat hoeft niet zo te zijn) heeft dan sloopt men de kathedraal en bouwt men een nieuwe en betere. Sinds ‘Babel’ zijn mensen nu eenmaal onverbeterlijke dromers en modellenbouwers.En zo bouwt de mens sinds mensenheugenis en zal zij dat ook zo blijven doen. Vandaar ook dat het gevaarlijk is om je geloof met wetenschap te onderbouwen. Wetenschap bouwt alleen maar kaartenhuizen. Zoals ik al aangaf in een eerdere post.

Boele’s kathedraal bleek ook een kaartenhuis en stortte uiteindelijk in. Hij deed net als die arme AIO een ontdekking die niet past in het model. Voor zowel de AIO als Boele liepen theorie en praktijk te ver bij elkaar vandaan, de kloof werd te groot.  En dus moet het model op de schop. De wetenschapsfilosofie heeft veel aandacht besteed aan dit soort processen met Kuhn als meest bekende voorbeeld.

Ik zie ook niet hoe dat anders kan. Het is wat mij betreft onmogelijk om epistomologische zekerheid uit de bijbel te halen, of het nu van de orthodoxe of de meer liberale soort is. Beiden zijn onmogelijk. We doen dan iets met de bijbel wat het boek, mijns inziens, niet toe staat. Zowel de Jesus Seminar als de orthodoxie die de goddelijke letter exact wil volgen staan op hetzelfde wiebelige fundament gebouwd met kaarten. Beiden nemen uiteindelijk het menselijke denken als uitgangspunt. Beiden zijn kinderen van de verlichting, uiteindelijk beperken beiden zich tot het menselijke denkraam. De orthodoxie mag dan beweren van niet maar ik ben bang dat ze met open ogen in dezelfde menselijke val is getrapt. Ze leven beiden een platte wereld waar alles wat “over boven gezegd wordt van beneden komt“. Een wereld waarin geen plaats is voor god maar slechts voor menselijke afgoden.

Met deze gedachtelijn trek ik de kathedraal als metafoor misschien in een iets andere richting dan Boele tot nu toe deed. Ik maak haar tot een idool, een afgod van het menselijke denken. Afgodendienst zit ons kennelijk in het bloed. God zei tegen Mozes dat zijn volk Israël met Hem onderweg moeten gaan, maar binnen de kortste keren stond het volk te dansen om een gouden kalf. Of om het in nieuw testamentische termen te formuleren: Christus nodigde ons het Koninkrijk te bouwen maar uiteindelijk stonden we te praisen in de kathedraal.

Ook ik heb het dus nogal gehad met deze kathedraal maar kan ik haar überhaupt verlaten? Kan ik (al dan niet profetisch) uitspreken dat ze ingestort is? Kan ik zeven maal om haar heen lopen en dan juichen om haar einde? Of ben ik zelf een steen van de kathedraal? Een levende steen in een dode kathedraal? Of een dode in een dode?  Hoe kan ik vanuit de kathedraal komen in het Koninkrijk? Hoe wordt ik vrijgemaakt?


Sep 7 2009

Steenhouwers

Nico-Dirk van Loo

Met enige regelmaat vraag ik me af waar ik nu mee bezig ben; waar we als emergers mee bezig zijn. En dan is het verhaal dat ik vanmorgen las wel weer leerzaam:

Lang, lang geleden reisde zenmeester Joji door de Kobe-vallei. Op een dag zag hij een man aan het werk in een steengroeve. Nieuwsgierig liep hij op de arbeider toe en vroeg wat hij aan het doen was. De man keek niet op en rgomde: “Dat zie je toch, ik hak stenen.” Jojij vervolgde zijn weg en kwam opnieuw langs een steengroeve en zag ook daar een man aan het werk, omgeven door een grote berg stenen. Jojij vroeg hem naar de aard van zijn arbeid. De man keek op, glimlachte en zei: “Ik hak stenen in deze steengroeve en daarmee voed ik mijzelf en mijn gezin.” Jojij bedankte hem en ging heen. Toen de zon op haar hoogste punt was aangekomen zocht Joji de schaduw op van een derde steengroeve. Ook daar was een man aan het werk,  omgeven door nog hogere stapels stenen. Ook aan deze man vroeg Jojij wat hij aan het doen was. De man stond op, bood zijn gast een koele dronk aan, en zei: “Ik neem het gesteente uit deze groeve en vorm het om tot bouwstenen. Met het geld dat ik daarmee verdien voed ik mijzelf, mijn gezin en mijn schoonfamilie die bij mij is ingetrokken. Maar als u echt wilt weten dat ik doe, moet u nog twee dagen verder reizen. Daar bouwen ze met mijn stenen een prachtige, heilige tempel.”